Bezwaar maken

De gemeente kan een besluit nemen waar u het niet mee eens bent. Bijvoorbeeld als uw aanvraag voor een subsidie of vergunning is afgewezen. Of u bent het niet eens met de vergunning die uw buurman heeft gekregen. U kunt dan bezwaar maken.

Zo dient u een bezwaarschrift in

U kunt via de bovenstaande knop online een bezwaar indienen. Ook kunt u een brief sturen met daarop:

  • Uw naam en adres;
  • De datum waarop het bezwaarschrift is geschreven;
  • Een omschrijving en de datum van het besluit waartegen u bezwaar maakt (of een kopie van het besluit of publicatie);
  • De reden(en) van uw bezwaar;
  • Uw handtekening.

Hoe gaat de bezwaarprocedure verder?

Als uw bezwaarschrift binnen is, krijgt u van ons een bericht. Meestal wordt u uitgenodigd uw bezwaar toe te lichten in een gesprek: dat heet een hoorzitting. Dit gesprek wordt gevoerd met de bezwaarschriftencommissie.

De bezwaarschriftencommissie is geheel onafhankelijk van de gemeente. Zij kijkt met een neutrale blik naar uw bezwaarschrift en weegt úw belangen én die van de gemeente af.

Na de hoorzitting brengt de commissie advies uit aan de gemeente. U krijgt hiervan een kopie toegezonden. Vervolgens neemt de gemeente een beslissing.

Tijdens de hoorzitting mag u zich laten bijstaan door bijvoorbeeld een familielid, kennis of advocaat. Als u zelf niet aanwezig kunt zijn, mag u iemand machtigen het woord voor u te doen. Deze persoon moet dan wel een door u ondertekende machtiging meenemen.

Voorwaarden

De belangrijkste voorwaarden voor het indienen van een bezwaarschrift tegen een besluit zijn:

  • De beslissing schriftelijk is;
  • Dat het gaat over een beslissing is van de gemeente;
  • En dat u een direct belang bij de beslissing heeft.

Termijn

U maakt bezwaar bij de gemeente binnen zes weken na bekendmaking van het besluit. De Algemene commissie bezwaarschriften adviseert de gemeente over uw bezwaarschrift. De gemeente heeft 12 weken, gerekend vanaf de bezwaartermijn de tijd om een beslissing op uw bezwaar te nemen. Deze termijn mag de gemeente eenmaal verlengen met zes weken of langer in overleg met de bezwaarmaker.